Ga naar de homepage
 
 
Ambassade van het Koninkrijk der Nederlanden in Lissabon, PortugalPortuguês
 
 
 
 
 
 
Homepage > Ambassade > Korte geschiedenis bilaterale betrekkingen
Korte geschiedenis bilaterale betrekkingen


Korte geschiedenis van de betrekkingen tussen Nederland en Portugal

De eerste betrekkingen tussen de Lage Landen en Portugal dateren uit 1147, toen Vlaamse en Friese kruisvaarders hun reis onderbraken om de koning van Portugal te helpen bij de verovering van Lissabon op de moslims.
Als beloning ontvingen deze kruisvaarders royale handelsvoorrechten. Ook in latere eeuwen bleef de handel een hoofdbestanddeel van de betrekkingen. Daarom werd in Antwerpen een Portugese factorij gevestigd, die zowel de handels- als de diplomatieke belangen behartigde.

Ook het uitbreken van de Tachtigjarige Oorlog was aanvankelijk niet van invloed op de bloeiende Nederlands-Portugese handelsbetrekkingen. In 1576 stuurde de Portugese koning zelfs officieel een gezant naar de Staten-Generaal, en werd de vrijheid van onderlinge handel, ondanks de oorlog met Spanje, in een verdrag vastgelegd. Toen Portugal in 1580 zelf door Spanje werd bezet, wendde de Portugese troonpretendent Don Antonio zich om steun tot de Republiek der Verenigde Nederlanden en Engeland. Beide landen konden echter weinig meer doen dan gastvrijheid bieden aan de pretendent. Wel ontstonden er familiebanden met het Oranjehuis, doordat Don Antonio`s oudste zoon, prins Emanuel, trouwde met de zuster van prins Maurtis, prinses Emilia.

De Spaanse bezetting van Portugal (1580-1640) heeft belangrijke gevolgen gehad voor de ontwikkeling van Nederland. Omdat Nederlandse schepen niet langer in de Portugese havens werden toegelaten werden zij gestimuleerd om zelf de zeeweg naar Indië te ontdekken. De overzeese expansie van de jonge Republiek werd hierdoor sterk bevorderd. Vervolgens verdrong de Vereenigde Oostindische Compagnie (VOC) de Portugezen uit Oost-Indië, Ceylon en een deel van Voor-Indië, terwijl de West-Indische Compagnie (WIC) een gedeelte van het Portugese bezit in Brazilië veroverde.
Daarnaast vluchtten vele Portugese Joden naar de vrijheden die de noordelijke Nederlanden boden. Zij oefenden niet te onderschatten invloed uit op het intellectueel klimaat (Spinoza), maar droegen ook bij aan de Republiek als financieel centrum.

Na het herstel van de onafhankelijkheid van Portugal in 1640, werden de betrekkingen met de Republiek direct weer aangeknoopt. Maar de VOC en WIC waren niet bereid om de veroverde Portugese bezittingen terug te geven.
Tenslotte kwam in 1661 een regeling tot stand, waarbij de Portugezen hun inmiddels alweer heroverde Braziliaanse gebieden officieel terugkregen, maar de VOC al haar Aziatische bezittingen behield.

Na een onderbreking in de Napoleontische tijd, werden de diplomatieke betrekkingen tussen Nederland en Portugal in 1815 weer hersteld. Gedurende het grootste deel van de 19e eeuw verliepen de bilaterale betrekkingen zonder bijzondere ontwikkelingen.

Pas tijdens de Boerenoorlog van 1899-1902 ontstonden er enkele problemen met Portugal en Engeland, rond de Nederlandse positie in Mozambique. Nederland had grote handelsbelangen in de hoofdstad Lorenço Marquez (het huidige Maputo), en werd beschuldigd van clandestiene wapenzendingen naar de Boerenrepubliek Transvaal en Oranje-Vrijstaat en verlening van paspoorten aan niet-Nederlandse vluchtelingen.
De bekendste vluchteling was president Paul Kruger, die in 1900 door het Nederlandse pantserdekschip ‘Gelderland’ vanuit Lorenço Marquez naar Europa gebracht werd.

Terwijl de problemen in Mozambique van tijdelijke aard waren, vormde de kwestie Oost-Timor lange tijd een constante in de Nederlands-Portugese betrekkingen. De onderlinge grens op dit door Nederland en Portugal gedeelde eiland was niet duidelijk afgebakend, waardoor allerlei problemen en conflicten ontstonden. Om deze op te lossen, werden verschillende grensverdragen tussen beide koloniale mogendheden gesloten. Tot 1940 vormde de kwestie Oost-Timor eigenlijk het enige onderwerp van belang in de bilaterale betrekkingen tussen Nederland en Portugal.

Na de Nederlandse capitulatie in 1940 veranderde dat echter volledig. Het neutrale Portugal werd toen voor de Nederlandse regering in Londen van groot belang voor de verbindingen met het Westelijk Halfrond, Indië en onbezet Europa. Na de Tweede Wereldoorlog werden Nederland en Portugal bondgenoten na het NAVO-lidmaatschap.

Echter, in de loop van de jaren zestig verkoelden de Nederlands-Portugese betrekkingen aanzienlijk, door de Nederlandse kritiek op het dictatoriale bewind van Salazar en de Portugese koloniale oorlogen. Nederland heeft voor en na de Anjerrevolutie een belangrijke rol gespeeld in de totstandkoming van internationale druk op Lissabon om dekolonisatie en democratisering te bevorderen. Na de vestiging van de Portugese democratie, met de Anjerrevolutie van 1974, verbeterden de bilaterale betrekkingen fors, met name dankzij de goede verhouding tussen het kabinet Den Uyl en de regering Soares.

De betrekkingen tussen Nederland en Portugal zijn sinds de Anjerrevolutie uitstekend. Als voorbeeld van de goede betrekkingen geldt dat Nederland sinds 1976, toen Indonesië Oost-Timor inlijfde, tot 2000 de Portugese belangen in Indonesië behartigde.

Sinds 1986, toen Portugal lid werd van de Europese Gemeenschap, zijn Portugal en Nederland, behalve NAVO-bondgenoten, op een veelheid van terreinen nauw met elkaar verbonden.

Belangrijke Juridische Mededeling
pas op voor financiële fraude
Link: Ministerie van Buitenlandse Zaken.gif (6 Kb)
evd_nl.gif (728 bytes)
Dutch Design meets Cork